Art Based Learning

Geplaatst op april 5, 2019


Foto van Marie Cécile Thijs (met toestemming geplaatst)

Mijn ervaring met Art Based Learning

Op social media las ik positieve dingen over een nieuwe manier van kijken naar kunst. Kunst intrigeert mij altijd, dus het kijken ernaar op een andere manier? Laten we dat doen! Het museum Jan Cunen in Oss bleek lekker laagdrempelig op zondagmiddag voor 5 euro Art Based Learning aan te bieden. Daar kun je het niet voor laten toch?

Dus togen een vriendin en ik op een mooie zondag in oktober 2018 naar het museum. Nieuwsgierig maar ook met een tikkeltje onzekerheid. Er had namelijk op de site gestaan, dat je ging werken met een vraag die voor jouzelf belangrijk en actueel was. Ik had zo’n vraag, een tamelijk praktische dacht ik zelf. Namelijk deze: ‘Wat gaat me helpen om een atelierruimte voor leerkrachten te realiseren?’

We werden ontvangen op zaal en we waren met zes deelnemers, een overzichtelijk clubje. De opdracht luidde: loop rustig maar vlot door het museum en laat je uitnodigen door een kunstwerk. Dus, laat je eigen vraag weer zoveel mogelijk los (lukte voor geen meter) en dan kiest het kunstwerk jou uit! Voor deze fase was ik het meest bang. In mijn oren klonk het nogal, hoe zal ik het zeggen, onwaarschijnlijk en ik moest mezelf toespreken: Hup Liefting, geef het een kans.

Vol vragen (wat zou er gaan gebeuren??)  liep ik langs de werken. Geen schilderij riep me. Met een schuin oog hield ik de andere deelnemers in de gaten. Waren zij al geroepen of gevallen of gekozen? Wanneer weet je welk kunstwerk je roept? Ik vestigde mijn hoop op de volgende verdieping en op de trap naar boven herhaalde ik de mantra: laat het los, laat het nou gewoon los, laat het gaan!

Boven is de fototentoonstelling van Marie Cecile Thijs, haar werk is mij volkomen onbekend. Ik sla een hoek om en sta in een kleine kamer tegenover een foto die keihard binnenkomt. De tranen springen in mijn ogen. Ik weet niet hoe snel ik verder moet lopen. Op de vlucht voor mijn emotie. Wat gebeurt me nou? Van de andere foto’s zie ik niet veel meer, en in mijn hoofd schreeuwt het: dit is het, dit is het werk. Noemen ze dit uitnodigen? Ik noem het bij de keel grijpen…

Iedereen verzamelt zich weer in de eerste zaal. We krijgen een nieuwe opdracht: ga zo meteen terug naar het kunstwerk, kijk 15 minuten lang en noteer alleen de feiten die je ziet. Niet interpreteren dus. Ik omschreef dat ik een groen-grijs vlak zie, een vierkant, dat de bovenste helft leeg is, dat ik onderaan een lichtere wollige witgrijze vorm waarneem, met daarin groen driehoekige vlakken met kartels en scherpe punten waarboven 8 cirkels van ongeveer hetzelfde formaat, waarin ik telkens twee witte vlekjes kan ontdekken die ten opzichte van elkaar steeds dezelfde plek innemen. Of zoiets. Je zegt dus niet: ik zie een cactus op een wolk met zeepbellen. Het kost me geen moeite om deze objectiviteit vol te houden, dit schrijven en kijken en beschrijven. We komen weer terug bij elkaar, om de laatste opdracht te horen: ‘Nu ga je 15 minuten in gesprek met het kunstwerk, je stelt je vraag en je laat alles toe, wat in je opkomt.’

Ik kon niet wachten om dit te doen. Wat is het aan dit kunstwerk, dat mij in tranen kon brengen? Opnieuw stel ik me voor de foto op en dan komen er antwoorden. Het is het idee of het gevoel van de uiteenspattende droom, die de foto opriep. Dat bezorgde me schrik en verdriet. De zeepbellen en de scherpe gevaarlijke punten. Ze helpen mijn droom aan diggelen. De stoom, de witte wolk, draagt bij aan het surrealistische beeld; ik wil iets wat niet kan.

Maar dan blijkt waarom het goed is om langer te blijven kijken. Want in die 15 minuten zie ik tot mijn verbazing, dat de bellen helemaal niet kapot gaan. Ze lijken eerder op te stijgen. Daar waar ze normaal zouden landen op de punten, zorgt de stoom ervoor dat ze mee liften omhoog. Mijn droom blijft leven! En aan die droom kleven risico’s, inderdaad. Maar ik krijg de verzekering van de foto, dat ik gevaren kan trotseren, dat ik moet durven en dat het goed zal gaan.

Wat een prachtig cadeau krijg ik hiermee. Maar de koek is nog niet op, want de volgende stap is ervaringen uitwisselen met de andere deelnemers. Mmm, emoties delen met wild vreemden… daar ben ik niet zo happig op. Toch loont ook dit de moeite. De rondleider weet namelijk een mooie vraag te stellen en de ervaring te verdiepen. Want zelf heb ik op dat moment nog niet bedacht, waarom ik toch zo heftig reageerde. Hij vraagt: ‘Zou het kunnen dat de vraag die je jezelf stelde, veel voor je betekent?’ Toen pas begreep ik, deze droom is zó belangrijk en reikt zo veel verder dan ik dacht.

De rondleider haalde ook nog een citaat aan, dat hij las op de Dutch Design Week: “A special drive, will survive.” Ik geloof, ook nu we een half jaar verder zijn, oprecht dat het atelier er komt. Linksom of rechtsom en ik ben de fotografe, het museum en de rondleider meer dan dankbaar. Het antwoord op mijn vraag ligt in mezelf. Alleen ik kan me helpen. En dit inzicht is puur goud.

 

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie